HELP!

2020 12 08

Moet dat nou echt? Moet een binnenstad ‘van muziek worden voorzien?’ En welke muziek wordt dat dan, nu, na de sinterklaastijd? Wordt dat ‘muziek’, of zal het de zoveelste plaag van ‘muzak’ zijn?

Als ik naar radio 1 luister, en als ik gespreksprogramma’s op tv bekijk, moet ik me altijd door het achtergrondgedruis heen worstelen. Die herrie schijnt ons te moeten stimuleren. Tot wat? In winkels, kantoren, wachtkamers en restaurants, is deze akoestische vervuiling niet meer te ontlopen. Wat zou er mooier zijn dan in een verkeersvrije binnenstad de stilte te laten meepraten! Dan hoor je voetstappen, menselijke stemmen, een winkelbel, het schuiven van stoelen, of mussen in de dakgoten. 

Natuurlijke geluiden horen we bijna niet meer. Ze worden gebarricadeerd en overschreeuwd, en onze oren -en dus onze hersenen- worden gemanipuleerd. Tot we ‘dankzij’ die akoestische stimulans het gedrag vertonen dat met die hinderlijke achtergrondgeluiden bedoeld is: gedrag dat geld in het laatje van ondernemers brengt. Om te voorkomen dat we en masse gek worden en schreeuwend wegrennen moeten dan ‘stiltegebieden’ gecreëerd worden op plekken die van nature stil zouden zijn. Dat vind ik armoede.

Voor mij dient muziek nog altijd om naar te luisteren. Dat is iets anders dan ‘aanhoren’. Luisteren vergt concentratie, inspanning, en het geeft voldoening. Tegelijkertijd daarbij winkelen zou die concentratie in de weg zitten.

Dus reken ik datgene wat straks in Weert uit de luidsprekers komt niet tot ‘muziek’. Sterker nog: in Weert moet ik dus bepaald niet wezen. Wie eigen baas wil blijven volge mijn voorbeeld. Al met al dank ik het coronavirus. ‘Blijf zoveel mogelijk thuis’ is nog altijd het devies. Ik hoop met leedvermaak dat de jingle bells in Weert straks door verlaten straten zullen klinken zonder dat iemand daar oor naar heeft. En dat binnen in de huizen hier en daar nog echt geconcentreerd naar iets moois geluisterd wordt. Naar echte muziek.

Geplaatst in actualiteiten, muzak | Tags: , , , , , , , , , , , , | 2 reacties

NIET PERFECT

2020 12 07

Het is vrijwel zeker een trend: hier en daar een versierd steentje achterlaten met een aardige spreuk erop. Voor de tweede keer vond ik er een, nu tijdens de 5-decemberwandeling die ik met mijn zoon en twee jongste kleinkinderen maakte. Ik betrapte mezelf erop dat ik deze vondst heerlijk vond. Na maanden had ik mijn lieve hummels weer gezien, het was 5 december, en het was fantastisch weer. Daar lag, ter completering van de vreugde, goed zichtbaar, deze steen, aan de voet van een historische boom, die aan wijlen Koningin Wilhelmina is gewijd. ’Niet perfect is ook goed’ stond er op de -vrij forse- steen. 

Hoe toepasselijk, na het gesprek dat ik met mijn zoon en schoondochter had gehad, over onze aanvankelijke drang om als ouders verantwoordelijkheid voor alles te dragen. Verantwoordelijkheid voor het amusement en de verzorging van onze kinderen, vriendinnetjes, gasten. De onzekerheid over onszelf als een kennis om onverklaarbare reden plotseling afstandelijk doet. Over angsten. Het was een heerlijk gesprek met mijn volwassen nazaten. Maandenlang heb ik dit door de anderhalvemeter samenleving gemist, en nu verzadigde ik mij, aan hun meningen, constateringen, wijsheden.

Deze beschilderde steen was de kers op de taart van een verrukkelijke dag. ‘Ik zal hem in het mandje van mijn fiets leggen, hij is misschien te zwaar voor jou’, meende mijn zorgzame kleindochter van net vier. Klaarblijkelijk is ook zij behept met dat gevoel van verantwoordelijkheid. Ik bedankte haar, en legde haar uit dat het gewicht van deze steen in mijn jaszak mij juist blij maakte. Ik beloofde haar dat ik samen met haar ook eens van zulke steentjes zal gaan maken. Dan mag zij hartjes en bloemen schilderen. En dan zal ik een spreuk bedenken. 

Geplaatst in bomen, boodschap, citaat, conversatie, gesprek, kleindochter, wandeling, zoon | Tags: , , , , , , , , | 3 reacties

HET DING IS AF!

2020 12 06

Het klinkt tegenstrijdig: een laatste compositie in een wereldpremière. Zo is het ook met de Ziekte van Alzheimer. Op het laatst van je leven keer je dan terug naar je kindertijd… Dat is tot mijn groot verdriet het geval met onze grote componist Louis Andriessen. Hij blijkt al een poosje in een zorginstelling te leven. Van daaruit heeft hij met zijn vrouw via livestream de première van zijn nieuwste compositie ‘MAY’ gevolgd.

Ik beluisterde dit werk via radio 4, nadat ik mij eerst weer door een Mozart heen had geworsteld. Weliswaar is 5 december diens sterfdag, maar hij was ook daags tevoren weer maar liefst driemaal een spaak tussen de wielen komen steken, nét op het toevallige moment dat ik de radio aanzette. We zijn het er met een aanzienlijke groep luisteraars nu wel over eens: Mozart loopt de spuigaten uit op radio 4. ‘Niet alleen klakkeloos, maar ook gemakzuchtig en respectloos wordt er met Mozarts muziek omgesprongen’, zo drukte een luistervriendin het uit die weet waarover ze het heeft.

‘Het ding is af’, schreef Herman Gorter aan zijn vriend Alphons Diepenbrock, toen hij het lange gedicht ‘Mei’ geschreven had. Na het in fases voorlezen ervan is Gorter verward geraakt en gebleven. 

Er lijkt een ketting te bestaan vanaf Gorter, Diepenbrock, de dood van blokfluitist Frans Brüggen, naar diens vriend Louis Andriessen. Maar waarom toch heeft hij deze Nederlandse parel in de Engelse taal laten zingen? 

Als ‘een nieuwe lente, een nieuw geluid’ zou uiteindelijk Gorters’ gedicht mogen klinken, op internet en radio, gezongen door Capella Amsterdam en gespeeld door het Orkest van de Achttiende Eeuw, met een kort ‘spookoptreden’ van blokfluitiste Lucie Horsch, die als de fluitende vogel in dit gedicht slechts aan het begin even aan het woord komt. Zij was een verademing, temidden van een bloedeloos geheel. 

De noten wáren er ongeveer, maar daar is alles mee gezegd. Hangend in de melodie zong Capella Amsterdam dit werk, niet altijd zuiver, en met doffe slotnoten. Terwijl dit vocaal toch geen complex werk is leek deze uitvoering op een cursus toontreffen.

De soms heerlijke Andriessen-akkoorden, en zelfs de xylofoon, werden door het orkest gespeeld als een muziekschoolleerling, met ongelijke inzetten. Door een mist van ongeïnspireerdheid moest ik zoeken naar de kwaliteit van dit werk. Het geheel was als een slechte portretfoto. Je leert het model, hoe mooi misschien ook, niet echt kennen. Of dat nou te wijten was aan de dirigent Daniël Reuss of aan de corona-omstandigheden, ik vroeg mij triest af waar Nederlands’ Glorie in deze bange dagen gebleven is.

Hoe dan ook, dit lange mooie ‘ding’ van Herman Gorter is dankzij Louis Andriessen nu tot muziek gemaakt. Ik wacht gretig een betere vertolking af.

Geplaatst in blokfluit, citaat, compositie, concert, Coronavirus, internet, klassieke muziek, livestream, Mozart radio 4, radio4 | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , | 2 reacties

5 DECEMBER

2020 12 05

En dat verklapte sinterklaas mij gisteren niet: Hij was in vol ornaat in het dorp, niet voor die peuters, maar om te weten of wij deze dag thuis waren!

Want tegen de avond -we zaten net met ons bordje op schoot om naar de minister president te gaan luisteren – ging luid de bel. Balen. We hadden nu geen behoefte aan een collectant, of aan wie dan ook.

Ik deed de deur open… er was niemand. Maar wel keek ik tegen een raadselachtige toren van dozen aan. Het waren niet zomaar wat dozen. De bovenste bleek een kopie te zijn van onze Franse brievenbus. Er stak een brief uit de gleuf. Iets lager zag ik woorden als ‘kroepoek’, en ‘bakken’. Was dit iets van de buren? Zij zouden een Indonesische maaltijd van de weekmarkt proberen. Misschien hadden ze iets over en gunden ze het ons om met ze mee te proeven.

We tilden de hele stapel mee naar binnen. Daar werd het ons duidelijk dat de goede sint mij sinds de ochtend niet vergeten was. In de drie dozen vonden we zijn gulle gaven, plus gedichten, tekeningen, pepernoten. Nu we konden raden waar zijn verblijfsadres was waren we nog verbaasder: hij moest voor het afgeven van deze postpakketten 117 kilometer gereden hebben op zijn schimmel. En weer terug….

Twee nieuwe dikke boeken liggen nu veelbelovend en uitnodigend te wachten op de toekomstige corona-rust. En de sint met zijn pieten? Ik houd niet op met in hem te geloven. Hij bestaat. Hij weet precies waarmee hij ons kan plezieren. Dank u sinterklaasje!

Geplaatst in feest, sinterklaas | Tags: , , | 1 reactie

ABSOLUUT GEHOOR

2020 12 04

Ergens in het dorp klinkt hard en lang de claxon van een vrachtwagen. ‘ Een F…?’ zeg ik vragend, en ik zing de toon na. Ik zoek het op met de ‘stemvork’ in mijn i-phone, en: JA, het was de F. Mijn absoluut gehoor is dus nog intact, zoveel jaren nadat ik met zingen gestopt ben. 

Ik dacht dat mijn ‘absoluut gehoor’ feitelijk het geheugen in mijn strottenhoofd was.

Als ik vroeger een toon moest raden, dan zong ik die eerst, voor ik hem noemde. Het gevoel, de stand van mijn zangorgaan, was als een zeker kompas. Maar vandaag nóemde ik de toon, voor ik hem zong om hem te onthouden bij het verifiëren ervan. 

Nou schijnt het zo te zijn dat musici met een absoluut gehoor makkelijker een toon op hun eigen instrument herkennen, terwijl ze enige moeite hebben met diezelfde toon op een ander instrument. Maar deze zware vrachtwagenclaxon leek in niets op mijn extreem hoge zangstem van weleer. ‘Knap’ zei mijn lief, toen ik het juist bleek te hebben.

Maar met knapheid heeft een absoluut gehoor weinig te maken. Ik schijn, puur fysiek, te beschikken over ‘een bijzonder sterke connectie tussen de voorhersenen en de auditieve cortex’. 

En dat is tegenwoordig zelfs mijn handicap: als ik een fragment van een lied of een net gehoord muziekstuk wil zingen, dan weigert mijn versleten zangstem dat fragment op de betreffende toonhoogte te produceren. En dan moet ik transponeren!

Ik doe mijn wekelijkse marktboodschappen in het dorp. Daar, tussen de stalletjes, verschijnt zomaar als vanuit de hemel neergedaald de goede Sint, met enkele roetveegpieten. Hij poseert voor spontane fotografen. Het lijkt pervers, die krullende baard en snor, de opgeplakte wenkbrauwen aan het lijf van een jonge godheid. Zijn gestalte en zijn motoriek logenstraffen de ouderdom die zijn uitdossing moet suggereren. Zijn habijt is te kort, en als hij verkondigt dat hij nu naar de kindertjes in de peuterspeelzaal moet hoor ik hoe jong en welluidend zijn stem is. Hij neemt afscheid en zwiert richtig peuters. Als daar de deur open zwaait klinkt hun ‘Dag sinterklaas’ ons tegemoet. ‘Gezang’ is dat nauwelijks te noemen. Een toonhoogte kan ik evenmin ontdekken. Geef mij maar een vrachtwagenclaxon.

Geplaatst in feest, geheugen, sinterklaas, zang | Tags: , , , , , , , | 2 reacties

WELKOM SINTERKLAASJE!

2020 12 03

Ook al maak ik mijn kleinkinderen nu al heel lang niet meer in levende lijve mee, soms opeens voel ik hun blijdschap en warmte heel dicht bij me.

Zoals op het moment dat deze tekening op mijn i-phone verschijnt. ‘Hier kwam-ie vandaag mee thuis’, schrijft zijn mama erbij. 

Zeven jaar is hij. Van zijn andere opa weet ik dat zijn geloof in de sint begint te wankelen (zie diens blog Geloof). Dat verhindert hem echter niet om ons al tekenend heel dit oude verhaal nog eens te vertellen. In gedachten zie ik hem ermee bezig. Mijn 7-jarige kleinzoon tekent alsof hij schrijft. Dat gaat vlot en zonder aarzelingen. Ziehier dan de goede sint, als grootste van alle personen op het plaatje. Hij heeft wenkbrauwen als sneeuwvlokken, zijn baard draagt hij als een mondkapje. Zelfs het kruis op de mijter is niet vergeten. Een moeder tilt haar kindje voor hem omhoog. Het is koud buiten, de hummel draagt een wintermuts. Drommen andere kindjes zijn in een ‘overlapping’ erbij getekend. Allemaal kijken ze blij. Verderop is er wellicht eentje jarig, die heeft een feestmuts op. Op een groot spandoek is de tekst te lezen: ‘Welkom sinterklaasje!’ Met uitroepteken. 

Met dit heerlijk ouderwetse tafereeltje zou je graag weer in sinterklaas gaan geloven. Ik ruik de kolenkachel in het huis van mijn kinderjaren, en de geur van speculaas. Ik zie de door het paard aangevreten wortel in mijn schoen. En op de door mijn vader op de piano gespeelde akkoorden zingen we: ‘Dank u sinterklaasje!’

Zijn schrijfhand lijkt op zijn tekenhand. Warempel, ik houd een andere tekening ernaast, en zie hoe de lijnvoering van zijn papa op dezelfde leeftijd dezelfde was. In 1984 tekende deze uit het hoofd de viool die hij pas had gekregen. Kunstkenners die deze tekening zagen adviseerden: ‘Doe deze tekening NOOIT WEG!’. Hun vooruitziende blik is juist gebleken. Onze zoon koos voor het vak van kunstschilder. De schilderijen van onze Rembrandtzoon zijn alom geliefd en hebben succes. 

Maar zijn kind heeft nog andere. talloze, talenten. Hij beheerst het lezen als geen ander, hij weet alles van hemellichamen, en hij speelt als een kleine Mozart alles wat hij in dat hoofdje heeft op piano en orgel, zelfs op een beiaard. 

Het zal moeilijk worden om ooit te kiezen. Maar welke keuze dan ook hij zal maken, ik hoop dat zijn toekomstige passie hem levensvreugde zal geven, zodat hij de lach op zijn gezicht zal hebben die hij aan de kindjes op deze tekening schonk.

Geplaatst in creativiteit, feest, kleinkinderen, kleinzoon, leeftijd, mondkapje, opa, schilderkunst, sinterklaas, tekening, verleden | Tags: , , , , , , , , , | 2 reacties

REDDER

2020 12 02

Natuurlijk.

Nadat ik deze grijze herfstdag vruchteloos wat heb zitten bladeren en lezen, op zoek naar een onderwerp voor mijn tekst van vandaag, leg ik mij maar neer bij de bevreemdende afwezigheid van inspiratie. Dat is gelukkig een uitzondering. Meestal borrelen de ideeën non-stop omhoog en hoef ik maar te kiezen. Maar deze dag is zo stil, zo grauw, dat ook mijn geest een grijze massa lijkt te worden.

Ik loop naar de verdieping waar ik nog een hoopje strijkwas weet dat op me wacht. Niet erg. Er is daar ook een eenvoudige radio die net zo grijs (van stof) is als mijn hersens op dit moment. 

En wat dacht je.

Het is 15.40 uur, en daar rollen klanken de kamer binnen die mij verdacht vertrouwd voorkomen. Zodra de slottrillers mij gaan kietelen ben ik er zeker van. Mieke van der Weij bevestigt met haar aftiteling mijn constatering: ‘Een opgewekt middagprogramma met aangename klassieke muziek die perfect aansluit op de middag. Voor wie hard aan het werk is, of juist een rustige middag heeft: Maatwerk zorgt voor passende muzikale omlijsting’. 

Je kunt dus raden wie op deze ‘rustige middag’ voor ‘maatwerk’ moest zorgen. Zijn Achtste pianoconcert moet deze week in de graaibak hebben gelegen, want dit pianoconcert komt niet voor de eerste keer deze week voorbij. 

Zal ik je te hulp schieten?’ vraagt Mozart. ‘Schrijf wat over mij, dat is pas origineel.Net zo origineel als de programmakeuze van Omroep Max’. Grapt hij. En ter geruststelling voegt hij er aan toe: ‘Je hebt wat gemist, want dit waren vanmiddag voorlopig mijn laatste woorden. Ik mocht heel mijn concert laten klinken, meer dan twintig minuten lang” . ‘Dat heeft u dan aan Covid 19 te danken’, zeg ik. ‘Met zo weinig live mogelijkheden bij de omroep is men blijer dan ooit dat u zo ontzettend veel muziek geschreven heeft. Bij een willekeurige graai komt men dan allicht bij u uit. Maar heeft u aan uw mondkapje gedacht?’ 

Ik kende dit pianoconcert niet, en ik hoorde slechts de laatste momenten ervan. Reden om het alsnog te gaan beluisteren, en dat zal ik zeker doen. Maar het blijft toch weer verwonderlijk dat meteen bij het aanzetten van die oude radio niemand anders dan Mozart weer zijn opwachting maakte. Alsof wij beiden met een magneet verbonden zijn. Immers, vóór hem klonk er muziek van ene Harrison, en na hem hoorde ik jazz-klanken van Gershwin. Die had ik in plaats van mijn redder kunnen treffen.

Want mijn Redder in de schrijfnood is hij vanmiddag. Hij krijgt van mij alle eer, en ik ga nu mijn oor lenen aan dit onbekende werk van hem. Met dank aan radio 4.

Geplaatst in compositie, Coronavirus, klassieke muziek, Mozart radio 4 | Tags: , , , , , , , , , , | 3 reacties

IN LETTERS VERSUS LIVE

2020 12 01

Waarover schrijven in coronatijd? 

Niet over uitstapjes en visites. Niet over evenementen. In coronatijd schrijf je andersom: over wat tót je komt.

Een vriendin is het boek ‘I.M.’ van Connie Palmen gaan lezen, naar aanleiding van de verfilming ervan. We hebben een kleine mailwisseling over haar boeken, en over haar. In de persoon Ischa Meijer gaat de vriendin zich eens grondiger verdiepen.

Ook ik weet nauwelijks iets van Ischa. Zijn tv-interviews heb ik nooit gevolgd omdat we vrijwel nooit televisie keken. Dat hij een verdienstelijk chansonnier was heb ik dit jaar mogen constateren, toen ik een nachtelijke radio uitzending over hem hoorde. 

Dat hij Connie’s grote liefde was begreep ik toen ik vijfentwintig jaar geleden in de krant vier woorden zag staan: ‘MIJN MAN IS DOOD’. Het was de rouwadvertentie van weduwe Connie Palmen, kort maar zeer krachtig.

Krachtig. Dat is zij. Krachtig, bedachtzaam, en op een peinzende manier zelfverzekerd.

Haar boek over Ischa heb ik alleen maar even ingekeken bij de publicatie ervan, en ik had er geen trek in. Alleen haar debuut ‘De Wetten’ las ik, en om een ziek logé’tje te helpen bij haar werkstuk over deze schrijfster toog ik in 1991 naar het dorp vlak bij Connie’s geboortedorp, om haar in levende lijve te horen vertellen over dit boek, en over haar opgroeien in mijn provincie.  

Er gebeurde -toen- hetzelfde als bij het beluisteren van een podcast van oktober j.l. waarin Connie palmen geïnterviewd werd door Anton de Goede, die ik vandaag beluisterde, als reactie op de mailwisseling met de vriendin: ik ervaar hoe verschillend de indruk van iemand kan zijn in werkelijkheid tegenover zijn of haar schriftelijke versie. 

De moeite die ik heb bij het waarderen van Connie Palmen als schrijfster verandert in warme sympathie en geboeidheid zodra ik haar hoor praten. In bijna alles ben ik het roerend met haar eens. Haar benadering van situaties en haar mondelinge beschrijving ervan amuseren mij, en ze dwingen mijn bewondering af. 

Zo ontwapende ze mij die avond in 1991, zoals ze, een flink glas bier in haar hand plus sigaret tussen haar vingers, van achter de lessenaar haar voormalige juf enthousiast groette, haar moeder, en een tante. Het was een thuiswedstrijd voor haar, aan het begin van haar carrière, en die wedstrijd speelde ze onverschrokken en veelbelovend. Aan het einde van die bijeenkomst was ze zo aardig om voor de microfoon van mijn cassetterecorder ons zieke logé’tje toe te spreken, en haar alle succes met dat werkstuk toe te wensen.

In diezelfde periode interviewde ook Ischa Meijer haar. Dat interview is op die podcast terug te horen. Connie vertelde daarin wat het schrijverschap voor haar inhield. ‘Je brengt daarin tot leven wat er nog niet is. Zoals een non in het klooster haar religie beleeft’, vond ze. Over de rol van vaders en moeders sprak ze met Ischa. En intussen werden die twee heimelijk verliefd op elkaar ‘als twee Maagdenburger halve bollen die op elkaar klapten’. Haar overdrijvingen zijn beeldend. Ze moeten haar sluimerende passie onthullen, waarmee ze koketteert. Maar dat heeft een schrijver nou eenmaal nodig.

Haar spreektoon was, en is, alsof ze op het punt staat in slaap te vallen.

Maar ondertussen!

Haar peinzende stelligheid is als een vitaminestoot tot me gekomen in haar gesproken woorden. Die reken ik tot de ‘werkelijke’ Connie Palmen. Zij charmeert mij, tegenover de lichte afkeer die voel jegens de Connie in letters. Ik hoop dat daar niets mis mee is. Hoofdzaak is dat we als twee Limburgse meisjes elkaar begrijpen en aanvoelen. Meisjes, die, gelukkig niet als kloosternon, iets tot leven willen brengen wat er nog niet is.

Geplaatst in actualiteiten, afkomst, film, gesprek, lezen/literatuur, Limburg, literatuur, podcast, schrijven, vriendin | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , | 1 reactie

CORONA-ZONDAG

2020 11 30

De zondag werd, van harte, weer een radio- en tv-dag. 

Allereerst was daar het radioprogramma ‘Tussen Hemel en Aarde’, om in alle rust bij te ontbijten. De koormuziek van Joseph Rheinberger bracht me deze eerste zondag in de Advent weer in kerstsfeer, en daarna werd ik stil bij het prachtige Magnificat van Arvo Pärt, adembenemend mooi gezongen door een koor uit Estland. Wat hebben de Baltische staten steeds prachtige zangkoren! 

Tijdens mijn eenzame natuurwandeling vergezelde het Rotterdams Philharmonisch Orkest me met werken van Beethoven, Sjostakovitsj (diens schitterende en trieste Kammersymfonie), en Prokofjev. Weer thuis werden er nog wat potplanten naar binnen gehaald, en de lege plekken moesten terdege aangeveegd worden. Tot mijn vreugde ontwaarde ik nu al jonge groene scheuten in de pot met de Iris uit Frankrijk. Het was of bij het veilig stellen van de planten de toekomstige lente mij nu al groette, 

Ik schaam mij er momenteel, in coronatijd, niet voor dat we het avondmaal nuttigen van een dienblad op schoot, terwijl de zondagavond-tv-programma’s ons veel goeds beloven. We hielden het vooralsnog bij NPO 2.

Daar was vanzelfsprekend aller-allereerst het wekelijks verbeide ‘Podium Witteman’, waarover steevast na afloop met vrienden en familie over en weer gemaild en ge-appt wordt. Gisteravond mochten we meemaken hoe celliste Lidy Blijdorp maar liefst twee Edison-klassiekbeeldjes in ontvangst mocht nemen, want behalve de Edisonprijs verwierf zij ook de publieksprijs. Samen met haar vioolpartner Rosanne Phillppens bracht ze onvergelijkelijk de sonate voor cello en viool van Maurice Ravel, die onderhand hun beider herkenningsmelodie begint te worden maar die nooit verveelt. 

Mike Boddé ontroerde, met het gesproken eerbetoon aan zijn vader, bij begeleiding van altfluit. Wat een mooie combinatie. 

Na al dit horen en luisteren werd er vooral gevoeld, op bevel van Adelheid Roosen. De spaarzame aanwezigen in het programma ‘Mondo’ frutselden aan elkaars handen. Met handschoentjes aan, dat wel, maar met de blik in elkaar verzonken. Ik had de indruk dat Adelheids’ impulsen tot enige verlegenheid leidden bij gesprekspartner Maxim Februari.

Achter op de motor bij Waldemar Torenstra mochten we tussen de koeien in Afrika verblijven. Mijn neus begon te kriebelen bij al dat zand, gedroogde poep, en stof. 

Van een veel ernstiger orde was daarna het programma ter herdenking van verzetsstrijder Hannie Schaft, ofwel ‘het meisje met het rode haar’. Op internet kun je nu het jeugdalbum inzien dat dankzij de dochter van een vriendin van Hannie’s moeder is opgedoken.

Minstens zo ernstig was aan het slot van deze dag de documentaire over de zaak Nicky Verstappen, op RTL 4. Al gauw stond mij de sensationele manier van aankondigen tegen. Misplaatst vind ik het ook dat dit verslag veelvuldig werd onderbroken door banale reclamespotjes. En wat vinden Nicky’s ouders ervan dat er nu een boek over dit drama van hun zoontje schreeuwerig wordt aangeprezen?

Zo vergleed deze tv-avond van goede naar slechte smaak. Hoewel ik vanavond het tweede deel van deze documentaire niet wil missen. Want er blijven zich vragen opdringen, die wellicht summier beantwoord zullen worden.

En zou ik na afloop dan weer ontstemd zijn over die sensationele presentatie, dan keer ik terug naar het begin, en beluister vóór het slapen gaan nog een mooi koorwerk van Arvo Pärt, gezongen door dat koor uit Estland.

Geplaatst in actualiteiten, Coronavirus, klassieke muziek, orkest, radio, Televisie, zondag | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , | 1 reactie

STERREN OP HET DOEK

2020 11 29

De coronatijd maakt uiteindelijk televisiekijkers van ons. Er blijft ’s avonds tijd over, nu alle dagen van de agenda leeg blijven. Ik stel dan een kijk-rooster samen voor enkele aangename uurtjes bij onze inter-actieve tv. De reclames worden weg gezapt, alleen het waardevolle blijft over.

En zo ontdekte ik hoe waardig het programma ‘Sterren op het doek’ blijkt te zijn. Ik zag vorige week bijvoorbeeld Gerard Cox geportretteerd worden, en leerde hem als een nuchter, vriendelijk en ‘normaal’ mens kennen. En nu was het tot mijn verrassing de bijna vergeten Clairy Polak, die haar guitige gezicht uitleende aan drie vrouwelijke kunstschilders. Een van hen was tot mijn verrassing een Limburgse.

En die heeft de wedstrijd gewonnen!

Maar om dat winnen, en zelfs om de schildertechniek, daar gaat het niet om in ‘Sterren op het doek’. Geen afvalrace, die ik zo verafschuw. ‘Sterren op het doek’ heeft inhoud. Feitelijk is het vooral een interview, en dat wordt door Özcan Akyol -kortweg: ’Eus’, op bewonderenswaardige wijze afgenomen. Eigenlijk is die aanspreekvorm :’Eus’ kenmerkend voor heel zijn aanpak. Geen opsmuk, geen trucjes, maar een oprecht gesprek, tussen hem en de geportretteerde, waarbij de schilders hun inbreng mogen bijdragen door vragen te stellen, of in te gaan op wat het model over zichzelf onthult. Het portretschilderen wordt daardoor op zichzelf al een soort interview, waarbij model en kunstschilder in een vloeiende stroom elkaar informatie toespelen. Op die manier ‘portretteren’ de schilders in feite al hun model, puur met dit vragend doordingen in de psyche, haar vermoedelijke karakter.

Clairy Polak werd zodoende nu pas een bekende voor me. Ik heb in het verleden wel haar gezicht gezien, maar als niet-tv-kijker wist ik niet wat zij nou precies op het scherm te brengen had. Haar vader herinner ik me van ‘Farce Majeur’, het programma dat al bestond toen ik nog in Hilversum woonde en werkte. Nu weet ik sinds gisteren dan ook dat haar moeder een chansonnière was, die haar carrière opgaf om haar enigst kind een mooie opvoeding te geven. Wat ik niet wist is dat haar echtgenoot -inmiddels overleden- aan de ziekte Alzheimer leed. Clairy zelf leed dus aan wroeging over de noodzaak om hem uiteindelijk te laten opnemen.

Ondanks deze tragiek is ze toch geestig, licht, en guitig, deze Clairy. En nog heel jong. Ook al merkte ze op dat ’sprekende lijnen’ in een portret feitelijk betekenen dat je oud bent. 

De schilderessen merkten in dit model vooral op hoe luisterend Clairy zich opstelt. Ze heeft een nieuwsgierige kijk op de wereld.  Ze durft open en dus kwetsbaar te zijn. 

Het schilderij van de Limburgse Michelle Faay werd door haar uitverkozen omdat zij zich hierop ‘herkende zoals ze dacht dat ze zelf was’. Opmerkelijke bijzonderheid, en tekenend voor de puurheid van dit programma is daarbij dat Michelle het model niet kende. Voor haar was Clairy Polak geen BN’ er, maar een mens die ze al schilderend heeft proberen te doorgronden. Dat is haar gelukt. En ook al ken ik op mijn beurt Michelle Faay nog niet, ik ben als Limburgse trots op haar rake kijk, waarmee ze dit portret vooral inhoud heeft weten te geven.

Geplaatst in actualiteiten, Beeldende kunst, conversatie, gesprek, leeftijd, model, schilderkunst | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , | 2 reacties