LANG-KORT-LANG-KORT

2017 06 22

Als je je een uur vergist met een afspraak, en daardoor te vroeg arriveert,  dan duurt dat wacht-uur extreem lang. Zeker als dat uur in kale ruimtes met airco moet worden doorgebracht in plaats van in de buitenlucht, op de prachtige langste dag van dit jaar.

Ik had me in de ochtend flink gehaast om op tijd te zijn. Eenmaal in het ziekenhuis, waar ik twee specialisten ging bezoeken, werd mijn vergissing mij duidelijk. Aan beide balies werd me beloofd om mij ertussen te plaatsen wanneer er een gaatje zou zijn. Dus ik kon er niet weg, naar buiten toe.

Ik bracht de opeens erg langzaam-verstrijkende tijd door met het lezen van ‘Oud worden zonder het te zijn’ van Rudi Westendorp. Dit boek gaat over ons verouderingsproces. Over de tijd, die bij sommigen sneller tikt dan bij anderen. Gezien de leeftijd van mijn moeder en die van haar broer mag ik aannemen dat ik de genen van lang-levenden in mij draag. Daar durfde ik twee jaar geleden niet op te vertrouwen, en ook in enkele dierbaren lijken die genen deerlijk verstoord te worden.

Maar je weet het nooit. De wonderen zijn de wereld nog niet uit.

Negenentachtig bladzijden verder, en gerustgesteld met een tube zalf in mijn tas, en met een injectie in mijn pols fietste ik terug naar huis. De mooie middag was voorbij. Ook de langste dag behoort alweer tot het verleden. Maar ikzelf zal het met deze medische hulpmiddelen ongetwijfeld nog wel weer een poosje kunnen uitzingen.

Geplaatst in seizoenen, gezondheid | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

BIJ VEEL GLAZEN WATER

2017 06 21

Het fietsen is een genot, bij deze Hollandse hitte. Ik creëer mijn eigen koele bries. Mijn schaduw vergezelt me, soms vóór, soms naast me. Wacht maar, zeg ik inwendig, als ik straks bij mijn moeder vandaan kom ben je een kopje kleiner.

Ze zitten er allemaal in het half-donker, en er wordt constant koel drinkwater aangedragen. Ik neem de krant voor me op tafel, als middel tot een gespreksonderwerp.

Maar het babbelen gaat vandaag bij de tafelgenoten vanzelf. Het begint met Désirée. Ze merkt op dat ik veel op mijn moeder lijk. Ik vat dat als een compliment op, maar mijn moeder haalt smalend haar schouders op. Voor complimenten is ze nooit bevattelijk geweest. Toke komt ons vertellen dat ze al trek heeft. Wordt er nog gegeten vanmiddag? Dat brengt ons gesprek op koken en op recepten. Ik vertel over de verrukkelijke ‘Provençaalse kipfilets’ die mijn moeder maakte, en over haar ‘gehaktbrood’. Weer gaan mijn moeders’ schouders omhoog. Zelf ga ik vanmiddag spinazie klaarmaken op de wijze van Sevilla: met piment en met komijn. Ik ga er ook wat smeerkaas doorheen doen. ‘DAT wil ik’, zegt Toke. ‘Dát wil ik vandaag eten.’

Maria vraagt zich hardop af of zij thuis wel eens gekookt heeft. ‘Dat weet ik werkelijk niet meer, mijn geheugen laat me zo deerlijk in de steek..’ zegt ze. We stellen haar vragen om haar op gang te helpen. Heeft ze nooit gekookt toen haar dochter nog klein was? ‘Mijn móeder kookte altijd’ zegt ze. Maar dat moet immers in haar eigen kindertijd geweest zijn? En dan komt de ontknoping: haar moeder heeft altijd bij Maria en haar man ingewoond, en zij nam het bereiden van de maaltijden op zich.

Ik voel mij persoonlijk opgelucht, om het feit dat Maria zich dit dus goed herinnert!

Er wordt weer water ingeschonken, en ik kijk de krant in. Ik vraag of de naam Helmut Kohl mijn moeder nog iets zegt? Welzeker! ‘Der Helmut’, grapt ze. ‘Hij was een aardig mens’, vindt ze, als ik haar vertel dat hij overleden is.

Ik lees voor over de bosbranden. Dat die zelfs kunnen ontstaan door een lege fles die in het bos is achtergebleven. De zon op het glas werkt dan als een vergrootglas.

Rowena gaat vanavond onderuit achter de televisie, om naar Goede Tijden Slechte Tijden te kijken. Ze vertelt mij het wel en wee van een van de acteurs. Ook weet ze hoe de opnamen van die serie in hun werk gaan.

Aan onze tafel wordt intussen een kaartspelletje gedaan, terwijl er evengoed aan het gesprek wordt deelgenomen.

De tijd schiet aardig op, ook al heb ik vandaag geen wandeling met mijn moedertje kunnen maken. Ze vindt het goed als ik afscheid neem, want ik moet mijn liefje niet zolang alleen laten, zegt ze.

Met handzwaaien en roepen verlaat ik de ruimte. Ik kijk nog eens achterom. Wat worden ze mij vertrouwd, al deze grijze koppetjes.

Het is gevaarlijk warm geworden als ik weer op mijn fiets stap. Mijn schaduw hangt puffend achter me aan, en is een heel stuk gekrompen.

Thuis heb ik in een wip de spinazie op Sevilla-wijze klaar. Ik bak er varkensspiesjes bij. We proosten met kraanwater.

Heerlijk.

Geplaatst in conversatie, fietsen, moeder, recepten/maaltijden | Tags: , , , , , , , , | 1 reactie

FABRIANO IN AQUARELLO

2017 06 20

Voor mijn deelname aan het jaarlijkse aquarelfestival in Fabriano heb ik een certificaat gekregen.

Een ‘aquarel-diploma’ dus, een bewijs dat ik voor die internationale expositie geselecteerd ben geweest. Mag ik daar trots op zijn?

Diploma’s werden in mijn studiejaren door mijn vader overgewaardeerd. Bij alle toekomstplannen die we hadden vroeg hij zich hardop af of die een kans van slagen hadden. Want wie A zei moest ook B zeggen, dus er moest voor hem een garantie bestaan dat we aan het einde van de rit dan ook het bijbehorende diploma gingen halen.

We haalden ze. Maar ikzelf, en ook mijn broers en zussen hebben daardoor een scepsis jegens diploma’s ontwikkeld. Want door mijn vader werd de nadruk louter op de prestatie gelegd, en die nadruk bracht mij juist faalangst.

Diploma’s zeggen zo weinig. En ze garanderen niet altijd alles.

Mijn onderwijzeressendiploma en het conservatoriumdiploma-met-onderscheiding hebben nooit een ereplek in mijn huis gekregen en er naar mijn conservatoriumdiploma is zegge en schrijven ooit één keer gevraagd. Toch gaf ik mijn concerten, en het hing van mijn eigen beoordeling af of ik van zo’n concert een goed gevoel overhield. Die eigen beoordeling had niets te maken met mijn vakbekwaamheid, maar met mijn al of niet aanwezige inspiratie, de fysieke toestand van mijn zangstem, mijn expressie. Complimenten van bewonderend publiek achteraf konden mij niet geruststellen wanneer ik zelf niet voldaan was over mijn uitvoering. Anderzijds bleek ik heel goed tegen een bedenkelijke recensie bestand te zijn als ik heimelijk wist dat ik lekker gezongen had, en dat ik had kunnen uitdrukken wat ik in het betreffende muziekstuk ervoer.

De eigen appreciatie, de eigen smaak, je eigen inzet en je genoegen bij creaties, die pas maken gelukkig, niet de vergelijkingen met het niveau van andermans werk. Wel luister ik graag naar een heel goede zanger of zangeres. En ik kijk graag naar heel goed schilderwerk, omdat ik mij daaraan hoop te kunnen optrekken.

Als ik sta te aquarelleren ga ik op vleugels. Ik ben in de hemel. Niets deert mij dan nog. Dat ik daar dit certificaat voor kreeg amuseert me hooguit. Misschien krijgt dít document toch een ereplekje in mijn huis. Omdat het mij herinnert aan hemelse momenten, aan vriendschap, rust. Vanwege al deze elementen doe ik graag een volgend jaar weer mee aan de selectie.

Geplaatst in aquarel, expositie, vader | Tags: , , , , , , , , | 3 reacties

WEG

2016 07 19

Deze oude foto stemt mij treurig.

Ze toont het ooit weelderige oord pal voor ons huis, begin oktober halverwege de 80-er jaren. Daar installeerden we ons soms, samen met leeftijdgenoten of met de oudsten uit ons buurtje, die met deze actie een leuke middag hadden. We zaten daar in de groene beschutting van bomen en struiken. Onze kinderen buitelden er rond of speelden verstoppertje in de hoge struiken, die ze ‘de bosjes’ noemden. Eventuele auto’s waren aan onze blik onttrokken. Het was onze gemeenschappelijke voortuin, waar nieuwtjes werden uitgewisseld en vriendschapsbanden werden verstevigd.

De twee oude mensen op deze foto zijn er niet meer. Hij was een bedachtzame wijze man, die over ons, jongelui wel zei: ‘Jullie willen wat véél…’. Hij doelde op ons ogenschijnlijk jachtige leven van vertrekken en weer thuiskomen, van gasten ontvangen, van hollen en draven.

We hebben dat nooit afgeleerd.

Maar hij is er niet meer om ons terug te fluiten. Nooit meer zullen we zijn verhalen horen over ‘vroeger’, toen de plek waar wij hier met hem zaten nog heidelandschap was. Voordat wij hier kwamen wonen graasden er schapen, en hommels vlogen er af en aan, vertelde hij. En zijn verhalen over de eerste verliefdheid op de vrouw die naast hem zat, en die zijn eerste -overleden- vrouw had opgevolgd.

Ook zij is er niet meer.

En deze plek als zodanig is er ook niet meer. Alle struiken zijn er verdwenen. Niemand die nog beschutting vindt op het tochtige ‘Engels Gazon’, waar honden hun behoeften midden op het veld doen, en waar het geluid van langs rijdend verkeer nu veel hoorbaarder is. Vanuit de plek waar we toen zaten kijk je heden ten dage tegen talloze geparkeerde auto’s aan. Elk huis heeft er op z’n minst twee…

Ooit zitten wij daar misschien toch nog eens ooit, uit pure nostalgie. Om jongere bewoners te vertellen over ‘vroeger’, toen hier alles weelderig en groen was. Toen er hele vogel-koren zongen, en toen er nog niet zoveel auto’s geparkeerd stonden.

Of die jongeren dan het geduld zullen hebben om ons te aanhoren?

Want ook zij ‘willen wat véél’, meer nog dan wij in onze jonge jaren. Zij móeten vooral veel. Ze hebben geen keuze. Met hun twee auto’s jakkeren ze af en aan, en op de parkeerstroken is het dringen geblazen.

Dus maakt deze foto mij treurig. Om de mooie momenten van toen, die steeds onwezenlijker gaan lijken.

Geplaatst in bomen, buiten, herinnering, Horn, kaalslag | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

DUURZAAM

2017 06 18

Het houten loopfietsje is het eerste waarnaar 1-jarige kleinzoon meteen grijpt zodra hij onze patiotuin in komt.

Zijn papa was even klein -of groot?- als hij, toen ik dat fietsje kocht. We hebben het nooit hoeven repareren. Onze eigen kinderen, vervolgens de kinderen van mijn andere zoon, en nu de allerjongsten, ze gaan erop hun gang en het blijft heel! Heet dat duurzaam speelgoed? Dat werd in de 70-er jaren dus nog gemaakt.

Na een gezamenlijke maaltijd in de buitenlucht rijden we naar ‘het waterplekje’, eveneens een oord waar wijzelf in onze kinderjaren, en later met onze kinderen, naar toe gingen. De laatste keer dat we er met dit gezinnetje waren hadden ze nog pas één kind. Nu zijn het er drie, die we met man en macht goed in de gaten houden. De kleertjes gaan uit en er wordt door het water van de Leubeek gebanjerd. Zusje volgt alles met kraaigeluiden vanaf onze schoot. Er wordt met modder gegooid, over een boomstam gebalanceerd, en een appel gegeten.

Weer terug in onze tuin eten we salade. De jongste zit in de kinderstoel van haar papa, eveneens een solide overblijfsel uit onze Prenatal-tijd. Duurzaam.

Ik smeer boterhammetjes, ik veeg mondjes af, ik help de oudste bij zijn ‘pappa-plas’ op de wc.

En ik heb mijn huid uit de 70-er jaren weer om mijn lijf! Ik voel werkelijk geen verschil met toen. Ik verrichtte dezelfde handelingen, ik hanteerde dezelfde spullen. Het zijn echter de kinderen van mijn kinderen met wie ik mijn tafelgesprekjes voer, aan wie ik kusjes uitdeel, en die ik op schoot wieg als ze slaap beginnen te krijgen.

Mijn kleinkinderen geven mij duurzaamheid. Met hun om me heen kan ik niet verslijten. Ik begin te begrijpen hoe mijn moeder al 101 kon worden.

Nu zijn ze weer naar hun eigen huis terug. Het onze laat een plezierig slagveld achter, dat ons bewijst dat onze kleinkinderen er al helemaal bij horen. Ons huis is hun huis. Ze kennen er de speciale plekjes, waarvan sommige hun extra dierbaar zijn.

Ook het loopfietsje gaat naar de vaste plek. Zodat kleinzoon van 1 jaar de volgende keer meteen weet waar hij het kan vinden. En daarna nog zijn zusje. Dat fietsje houdt het nog wel. En wij ook, dankzij die kindjes.

Geplaatst in generaties, kleinkinderen, Leudal, moeder, verleden | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

ZOMERWORKSHOP

2017 06 17

Sinds 1985 is de Vlaamse stad Hasselt vriendje met de Japanse stad Itami. Die vriendschap wordt sinds 1992 gesymboliseerd met de Japanse tuin in Hasselt -geschenk van Itami-, en een torenbeiaard voor Itami, geschonken door Hasselt.

Overal hoorde ik het geluid van stromend water. Dat kwam van een aangelegd bergriviertje. Daardoorheen van tijd tot tijd het bronzen geluid van de Vredesbel, een aandenken aan de 150 jaar durende diplomatieke relatie tussen België en Japan.

Deze tuin zit vol symbolen, en oproepen tot rituelen. De waterval symboliseert het leven: er is geen weg terug naar de oorsprong. De pijnbomen symboliseren de eeuwigheid, vanwege het groen dat ze in geen enkel jaargetijde verliezen. Er is een shintõ- heiligdom, zeg maar een wegkapelletje van hout. Japanners houden er even halt, buigen, klappen in hun handen en doneren er kleingeld.

Sinds 2001 ben ik vriendin van de Vlamingen. Die vriendschap wordt uitgedrukt in mailberichtjes, eet-ontmoetingen, en vooral: in samen schilderen.

Overal zag ik vandaag mijn vrienden achter hun ezel. De Vredesbel bleef gonzen. Maar wat is er heilzamer voor onderlinge vrede dan aquarelwater!

Terwijl mijn penseel over het papier ging hoorde ik de achterstallige nieuwtjes, ongelukkige en fijne dingen. De klapzoenen tussendoor bevestigden en symboliseerden onze wederzijdse verbintenis.

Het Aquarel Instituut België heeft geen vredesbel nodig. Het penseel en de waterverf zijn zachter en soepeler.

Hoewel… Heel even moest ik mijzelf dwingen om de zelfbeheersing en de kennelijke mildheid en wijsheid van de Japanse denkwijze toe te passen, toen herhaaldelijk geïnteresseerd publiek pal voor mijn ezel bleef staan. Ze fotografeerden wat ik had uitgekozen om in aquarel vast te leggen. Mijn schilderen nodigde hen uit tot fotograferen! Daarbij zagen ze over het hoofd dat ze mij alle uitzicht benamen. Uiteindelijk dacht ik ze een koekje van eigen deeg te geven. Ik richtte mijn camera op hun brede ruggen. En zie! Als één man draaiden ze zich om!

Of er ook telepathie in de Japanse tuin hangt weet ik niet. Maar ik heb die fotograferende mensen naar de Vredesbel gestuurd. Daar konden ze de zware klopper hanteren en er genieten van het donkere kalme geluid.

En ik was even van ze verlost.

Geplaatst in aquarel, buiten, Japan, schilderkunst, tuin, vriendschap | Tags: , , , , , , , | Een reactie plaatsen

ROMANOS MELODOS

2017 06 16

Sinds enige tijd hebben wij een heilige in huis. Het is Romanos Melodos, een Syrische dichter uit de zesde eeuw. Na een wonder werd hij van dichter tot zanger. Zijn composities waren oorspronkelijk bekend als ‘psalmen’, ‘odes’ of ‘gedichten’. Vanaf de negende eeuw heetten zijn gezangen ‘kontakion’. Dat is een hymne-vorm in de Katholiek-Byzantijnse ritus.

Een goede vriend uit het Groningse land heeft de icoon van deze heilige zanger voor ons gemaakt. Gisteren reisde hij drie warme uren om zijn kunstwerk aan een inspectie te onderwerpen en hem zonodig op te lappen.

Opeens leek onze woonkamer een monnikencel.

Want het werk aan een icoon is aan gewijde rituelen onderworpen. Omdat die niet realiseerbaar waren in ons huis en in ons gezelschap logeert Romanos tijdelijk bij zijn maker voor de finishing touch.

Intussen leerden we weer veel over het speciale van een icoon. Met de iconen in de Météorakloosters nog op mijn netvlies heb ik geïnteresseerd geluisterd:

Voordat onze vriend aan het schilderen van een nieuwe icoon begint steekt hij een kaarsje aan, en bidt een toepasselijk gebed in stilte.

Het materiaal, zoals de houten drager, moet van speciale kwaliteit zijn, evenals de lak, die zuurstofdoorlatend moet zijn. Dit om de schildering in contact te laten blijven met ‘het goddelijke’. Het bladgoud echter moet ‘naakt’ blijven, onbedekt door verstorende stoffen. En de te maken afbeelding mag niet afwijken, qua achtergronden en attributen, van de reeds bestaande iconen met de betreffende heilige erop. Zo draagt onze Romanos bijvoorbeeld een rol met een tekst in zijn hand. De legende vertelt dat hij die in opdracht van de moeder Gods moest inslikken, zodat zijn stem helder en vast werd nadat hij ontwaakte uit een diepe slaap.

Romanos Melodos, onze huis-heilige. Zijn plek in onze kamer is tijdelijk leeg. Reden om vreugdevol uit te zien naar een volgende ontmoeting met onze Groningse vriend, die ervoor zorgt dat het bladgoud nog met meer helderheid zal gaan stralen, tijdens ons toekomstig luisteren naar een van zijn Hymnes.

Geplaatst in Beeldende kunst, geloof/religie, schilderkunst | Tags: , , , , , , | 2 reacties