HISTORIE VAN EIGEN HAARD (3)

2018 01 22

Wat een andere tijd!

De potloodpijl wijst naar mijn oudere broer, derde van rechts. Met open  mond volgt hij een goochelvoorstelling. Plaats van handeling: de gymzaal van zijn school. Daarop zaten uitsluitend jongens. Die werden opgevoed door ‘broeders’, van wie er hier één de jonge menigte in de gaten houdt.

We schrijven de tweede helft van de 40-er jaren van de vorige eeuw. Mijn broer moet op die school ook leerling van onze eigen vader geweest zijn. Als aanvankelijk enige leek tussen de zwartgerokte collega’s was die daar toen onderwijzer.

Einde 60-er jaren was ik zelf vier jaren lang onderwijzeres aan de overkant van deze jongensschool. Ik had alleen maar meisjes onder mijn hoede. Mijn wekelijkse gymlessen gaf ik in deze zaal. Ik stak dan met mijn klas van over de veertig zes/zevenjarigen de straat over, waar ik ooit zelf door een auto was aangereden. Ik zag toe op het omkleden van de hummels, en vervolgens riep ik mijn opdrachten in de overakoestiek van die zaal, waar ook ikzelf als Lagere Schoolleerling gymnastiek had gehad, en waarbij ik nooit ook maar een woord van de luidkeelse opdrachten verstond.

Het meest opmerkelijke van deze foto vind ik het feit dat alle kinderen simpelweg op de grond zitten. Geen comfort van stoelen of banken, gewoon aanschuiven op de vloer, knieën intrekken. Let ook op de objecten links-achter in de zaal. Een verwarmingsradiator?

Hoe dan ook moet die goochelvoorstelling iets heel boeiends zijn geweest. Al is het duidelijk dat kindjes van die tijd makkelijker geconcentreerd konden blijven dan de huidige. Ook waren ze snel tevreden te stellen, enthousiast bij de kleinste afleiding, tijdens zo’n schooldag van opeengeklemde lippen, en met armen stijf over elkaar.

Mijn broer was later zelf onderwijzer op deze school, en had zijn jongere broers daarbij als leerlingen. Later leidde hij jonge volwassenen op die op hun beurt dit werk gingen doen.

Tijden veranderen. Ook voor mijn broer. Zijn huidige levensfase is een van de moeilijkste die wij mensen moeten gaan.

Maar onveranderd kijkt hij met open mond naar de mooie dingen die het leven ons altijd weer blijft bieden.

Advertenties
Geplaatst in broer, generaties, herinnering, Roermond | Tags: , , , , , , , , , , , | 3 reacties

EEN GOLVEND LANDSCHAP

2018 01 21
Al veertig jaar exposeert het Aquarel Instituut België (voorheen de Kempische Aquarelvereniging) jaarlijks het werk van haar leden. En bijna de helft van die tijd ben ik al lid van deze inspirerende club.
Gisteren vierden we feest. Er was muziek, er was drank en er waren hapjes. Maar vooral waren er de aquarellen aan de wanden, en de vele warme ontmoetingen. Het voelde als een familiereünie. De leden van die familie laten geen gelegenheid voorbij gaan om elkaar weer te zien, en inspiratie te putten uit elkaars werk. En altijd weer verbaast het me hoe mooi dat werk kan zijn, ondanks onze respectabele leeftijd. Want wijzelf, bijna allemaal, zijn beduidend ouder dan het AIB zelf. Bij deze en gene doet de stijgende leeftijd zich gelden: de een wacht op een oog-operatie, een ander heeft een wandelstok nodig. Ook zag ik, verscholen in grijze kapsels, hier en daar een hoorapparaat.
Een reünie. Bij elke werkbijeenkomst schuwen we het uitwisselen van persoonlijke nieuwtjes niet. Bijna allemaal hebben we in ons leven dingen meegemaakt waarbij we wat troost van de ander best kunnen gebruiken.
Zo schrok ik gisteren ervan, dat meer dan één aquarelcollega sinds onze vorige ontmoeting inmiddels de partner verloren heeft. Opeens sta je dan tegenover een weduwe of weduwnaar, die het voortaan in z’n eentje moet redden in het leven. Zo zei er een de onvergetelijke woorden:’Mijn leven is als een fietstocht door een golvend landschap. Als ik bergop moet zwoegen dan weet ik: straks beland ik op de top. Dan kijk ik uit over het landschap aan mijn voeten, en dan zie ik diep beneden mij , heel in de verte, een nieuw perspectief’.
Dat hij met dat nieuwe perspectief de aquarelvrienden bedoelde was lief van hem. Maar ik wens hem toe dat vooral het penseel, het water en de kleuren hem het perspectief zullen blijven geven, dat hem verder blijft helpen in het gelukkig zijn. Ik heb daar wel vertrouwen in. Want de schilderwerken aan de wanden ademden pure volheid, vertrouwen, verrukking en voldoening. En al die vrienden in de grote zaal waren als een golvend landschap, dat ons omarmde en ons verwarmde. Het wás er al, veertig jaren lang. Het blijft. En we hoeven er niet met de fiets doorheen.

Geplaatst in aquarel, België, feest, leeftijd, schilderkunst | Tags: , , , , , , , , , | 1 reactie

GEWAARDEERD BEZOEK

2018 01 20

Het is alweer twee jaar geleden dat mijn moeder haar woning na 77 jaren verruilde voor het tehuis waar ze nu verblijft. Daar heeft ze een prachtig ruim en licht appartement, en talloze lieve verzorgers en verzorgsters verwennen haar daar met alle mogelijke hulp.

Nadat ze recent drie keren helaas pech had met haar gezondheid is ze nu een heel stuk zwakker geworden. Haar ogen zien vrijwel niets meer, lopen kan niet meer, en ook zelfstandig eten is nu onmogelijk geworden.

Desondanks mag zij zich nog altijd verheugen in de hartelijke belangstelling van voormalige buurtgenoten. Regelmatig zien we post uit haar oude straat op haar tafel liggen, en ook schuwt men niet haar een bezoek te brengen.

Zoals gisteren.

Liesje, met dochter Jacqueline kwamen kijken hoe het met de bijna 102-jarige buurvrouw gaat. Net op tijd voor hun bezoek hadden we haar zover dat ze wakker was en geluncht had. Ze zat er klaar voor!

In haar eigen woonkamer hadden we een verrassend leuk samenzijn. Menige anekdote uit vroegere tijden werd opgehaald, en mijn moeder genoot daar zichtbaar van. Familienamen en anecdotes vlogen over tafel. We vernamen hoe het met deze en gene gaat. Wie er nog leeft en wie er niet meer is.

Spraakzaam is ze niet meer, maar ze zat zichtbaar goed te luisteren, en af en toe vulde ze iets aan, of ze corrigeerde iets.

En uit zichzelf zei ze over deze ontmoeting: ‘Ik vind dit leuk’.

Ik denk dat we allemaal voldoening mogen hebben van dit initiatief. Het blijkt heel belangrijk dat mensen die uit hun vaste samenleving zijn gestapt, mogen ervaren dat ze niet vergeten worden  Voor ons gevoel was moeder weer heel even buurtgenote, en alle moeizaamheid van lopen, zien en eten bleef een uur lang op de achtergrond.

Geplaatst in moeder | Tags: , , , , , , | 4 reacties

ICH RUF ZU DIR

2018 01 19
Op 21 oktober 2014 heb ik beschreven hoe verpletterend mooi een onverwacht muziekfragment in de film ‘IDA’ op mij overkwam. Gisteren, meer dan drie jaren later, overkwam mij hetzelfde, met dezelfde muziek.
De NS staakte gistermorgen het hele treinverkeer vanwege het weer. Ook bijna alle tramdiensten in Den Haag en Amsterdam werden stilgelegd. Zelfs vervangende bussen werden uit de roulatie gehaald. De storm ontwrichtte alles en iedereen. Er sneuvelden bovenleidingen, vrachtwagens en ook bomen waaiden om, rijbanen werden afgesloten, er waren files. Op Schiphol raakten dakdelen van de vertrekhal los, en helaas kostte deze storm ook enkelen het leven.
Ik voelde mij bevoorrecht dat ik niet de weg op hoefde. Veilig achter de gesloten ramen zag ik hoe gedurende heel de ochtend mijn aanbeden bomen voor het huis vervaarlijk heen en weer zwiepten, en af en toe knalden de windstoten tegen de ruiten.
Zo te zien heeft hier in het zuidoosten van ons land alles en iedereen het geweld overleefd. Het was mooi om tegen het middaguur het decrescendo te ervaren. De wind werd minder. Er vloog niets meer over de weg, en hier en daar waagde alweer iemand zich de auto in.
Uiteindelijk besloot ook ik om de meest noodzakelijke boodschappen te gaan doen, waarbij de auto nodig was.
En toen gebeurde het.
Radio Klara ging aan, en daar klonk, kalm, gelaten, vredig, de pianoversie van Bachs’ ‘Ich ruf zu Dir, Herr Jesu christ’.
Op een moment als dit wil ik niets weten, geen toelichting, achtergronden of bijzonderheden. Dat het hier een Koraalvoorspel van een Cantate betreft voor -eigenlijk- het orgel, ik hoef het niet te weten. De piano, zangerig en peinzend, greep me beet met een zweem van droefheid die alle rumoer van de afgelopen uren stil legde.
Over Bach’s persoonlijke leven weten we weinig of niets. Maar het kan niet anders of ook hij heeft stormen in zijn leven gekend. In een werk als ‘Ich ruf zu Dir’ luwen die stormen in een kalmerend decrescendo. Bach roept tot de Heer, met vertrouwen en geloof. Alles zal op z’n pootjes terecht komen.
Ik onderging deze muziek met tranen in mijn ogen. Droefheid, ja. Maar ook hoop, en dankbaarheid om het feit dat Bach’s muziek de eeuwen doorstaat, en ons goed doet.

Geplaatst in actualiteiten, Bach, bomen, Klara, klassieke muziek, radio, religie | Tags: , , , , , , , | 3 reacties

HISTORIE VAN EIGEN HAARD (2)

2018 01 18
Dit is de overkant van de straat van mijn jeugd, met in het zicht de huizen van twee van mijn voormalige vriendinnen, plus het ouderlijk huis van een zwager. Vanuit mijn eigen slaapkamer kon ik ’s avonds naar ze zwaaien.
Hier zijn de tuinhekjes goed zichtbaar. De kinderkopjes op de weg hebben plaats gemaakt voor asfalt, en de stoeptegels zijn vernieuwd.
Aan het kapsel van de bebaarde jongeman kun je het jaartal aflezen: 1974. Het waren de jaren van baarden, de ‘tochtlatten, wijd-uitstaande broekspijpen, en van de kleuren bruin en oranje. Hoewel dat al 44 jaar geleden is, en dus grijze historie, lijkt dit toch nog kort geleden. Ik had het ouderlijk huis al verlaten, en woonde met man en eerste kindje op 5 kilometer afstand. Zoals nog steeds.
Onze bakker, die gedurende heel mijn jeugd trouw het brood aan huis bezorgd had, was 65 jaar geworden. Dit was zijn laatste rit, en mijn moeder nam met een kus afscheid van hem.
Hoeveel broden zal zij in de loop der jaren van hem gekocht hebben! In vakantietijd, en ook bij feesten, werd een gewoon brood wel eens aangevuld met ’kadetjes’, zachte witte puntjes die verrukkelijk geurden. Daar ging dan dik de boter op, met kaas. Als je van ver al het gepruttel van zijn bestelbusje hoorde liep het water je in de mond. Soms reikte deze bakker je zomaar een heerlijke krentenbol aan, puur uit gulheid en uit enthousiasme voor zijn vak. In die tijd was alle brood nog vanzelfsprekend ‘biologisch’, eerlijk gebakken, zonder troep erin verwerkt. Je had witbrood, tarwebrood, en Limburgs roggebrood. Heel soms was er ook ‘suikerbrood’. En dat waren alle variaties. We werden nog niet geplaagd door teveel keuzemogelijkheden. Ook voelden we geen noodzaak tot het hebben van een eigen broodbakmachine. De echte luxe was pas net in opkomst, en met nostalgie denk ik terug aan deze eerste 70-er jaren, die nog redelijk sober waren. Luxe, dat was het feit dat je je brood aan huis gebracht kreeg. Luxe, dat waren de nog vrije stoepranden, zonder de blikken omranding van geparkeerde auto’s. Luxe was dus ook de nog betrekkelijke puurheid van producten.
De bakker leeft al lang niet meer.
In de weekends ‘piepen we een croissantje op.’
Maar dat halen we gewoon bij de supermarkt…

Geplaatst in herinnering, historie, moeder, ouderlijk huis, Roermond | Tags: , , , , | 4 reacties

PORTRETTEN IN RITME

2018 01 17

Wat heeft hij toch met Hollandse neerslag? Ik moet het Mozart eens onomwonden vragen.

Want gisteren op Koppendag hielp mij mijn voorzorgsmaatregel niet, toen ik de Belgische omroep in de auto aanzette. Daar was hij, zonder uitstel, mijn vriend, achter de in werking zijnde ruitenwissers. Compleet met een Vlaams accent. En ook omroep Klara bezondigde zich deze keer aan het vierendelen van de grote meester: we kregen uitsluitend de Romance te horen, uit zijn Concert voor piano en orkest nr 20. Het is die melodie met die opmerkelijke, steeds terugkerende kleine secunde in de diepte. Inderdaad klinkt die melodie ietwat als trage regendruppels. Die secunde, dalend, is als gepeins, en bepaald niet als een afsluiting.

Model Hélène liet aanvankelijk op zich wachten. Toen de avond daardoor niet op gang leek te zullen komen zette ik resoluut de eeuwige rieten stoel opzij, nam een gewatteerde jas van de kapstok, en vlijde me op de zachte ondergrond neer. Mijn niet-alledaagse poseerhouding bracht meteen krijt, houtskool, potloden en penselen in beweging. Terwijl mijn linkerschouder al gauw begon op te spelen luisterde ik naar de werkgeluiden van mijn Koppencollega’s. Het schijnbare samenspel van vegen, krassen, piepen tikken, kuchen en zuchten werd als slagwerk in een boeiend muziekstuk. Hier kon Mozart niet aan tippen! Dat ging van:’ Tsch-tsch-tsch’ en ‘fffft’, ‘krrr, krrr’, ’piew-pieiet’, ‘pràk-ptàk-pták’ en ‘chchch….’. Als roerloos model liet ik hier ritmische muziek ontstaan. Portretmuziek! Ik probeerde mij de lijnen, vlakken en kleuren voor te stellen die al musicerend op de vellen papier werden gezet.

Dit slagwerk aan klanken leidde na hooguit een kwartier tot een complete vloerbedekking aan portretten, grote en kleine. Ze hadden alle zonder uitzondering iets karakteristieks.

Zo waren we warm gelopen voor de blonde Hélène, die op haar beurt meteen bij aankomst geïnspireerd werd tot leuke poses, steeds wisselend, met en zonder kledingstukken en attributen.

We wisten van geen ophouden, en later dan gewoonlijk reden we weer naar huis, in stilte, de ruitenwissers neer.

Wolfgang Amadeus Mozart-Concert voor piano en orkest nr 20 (Romance)

Geplaatst in dinsdagavond, Klara, klassieke muziek, Mozart, portretgroep, regen, schilderkunst, tekening | Tags: , , , , , , , , , , , | 1 reactie

HISTORIE VAN EIGEN HAARD

2018 01 16

‘Eigen Haard’ . Zo heette vroeger de stadswijk waar ik opgroeide.

De eerste foto’s van mijn straat, die ik tegenkom in het eerste fotoalbum van mijn ouders, is gemaakt bij een bijzondere gelegenheid: de jaarlijkse Sacramentsprocessie.

Foto’s werden in die tijd (einde 40-er jaren) slechts bij uitzondering gemaakt: een trouwerij, een Eerste H Communie, of een processie. Je had in die tijd als camera bijvoorbeeld de ‘Agfa Clack’, waarmee je slechts acht foto’s kon maken, dus je keuze moest weloverwogen gebeuren.

Wie de loep neemt om details te bekijken ziet hoe de twee rijen misdienaars aan weerszijden van het bloementapijt lopen. Alleen de priester -onder een baldakijn en met de monstrans in zijn handen- mocht over dat tapijt lopen. Dat hadden wij, kinderen, in samenwerking met de volwassenen gemaakt: eerst een middag met een bestelbusje samen naar akkers en weilanden, waar we de kopjes van margrieten, kamille en korenbloemen plukten. De volgende ochtend bij het eerste gloren van de Mei-dag, dus rond vier uur ’s morgens, werden met luide schraap-geluiden grote zinken teilen naar buiten gesleept, waarna het secure en creatieve werk begon: zand werd als een loper over het wegdek gelegd, waarna, regelmatig besproeid, de feestelijke patronen met bloemblaadjes daar bovenop getoverd werden. Tot aan het moment waarop de processie langs kwam werd het tapijt fris gehouden met gieters.

En daar kwamen ze dan, de priester, misdienaars, hoogwaardigheidsbekleders van de parochiekerk, schoolkinderen, en het zangkoor.

Let vooral op het knielend publiek op de rand van de stoep! Zo hoorde dat, als ‘het Allerheiligste’ langs kwam. Uit de ramen werd gevlagd, en soms zag je in een vensteropening een minialtaar, compleet met kaarsen.

De misdienaars houden hun handen devoot gevouwen. Hun haren zijn in een strakke scheiding opzij gekamd, en hun kleding draagt de interessante naam: toog en superplie. Over het lange kleed dat tot aan hun voeten reikte droegen ze dus een wijd, wit linnen hemd tot aan de knieën.

Helemaal rechts in de hoek, in het vooruit-springende huis zonder voortuintje, woonde in mijn kindertijd de huisarts. Daar kon je gewoon aanbellen bij een calamiteit, als een kind een hechting moest hebben, of een koortswerend middel.

Op de foto zijn de metalen tuinhekjes niet of nauwelijks te zien. Maar ze zijn daar nu nog altijd, en ik voel nog hoe het was om daar bovenop te klimmen, of, met je voeten op het onderste latje, je door het poortje heen en weer te laten zwiepen, met een piepend knarsgeluid.  De trottoirtegels waren in die eerste naoorlogse jaren zo uitgesleten door regenwater dat elke tegel een knikkerkuiltje bevatte, ideaal voor ons spel. De voordeuren hadden een trek-bel, die hard ‘tingeling’ zei.

Mijn persoonlijke “eigen Haard’ was inderdaad goud waard.

Zodra de processie weer uit de straat verdwenen was, en het gezang vervaagd was, begonnen de ruwste jongens het mooie tapijt weg te schoppen. Zandwolken en bloemen vlogen door de ruimte. Tegelijk daarmee leek de vredige samenwerking en kameraadschap van de voorbije dagen te vervliegen.

En ik voelde mij dan verdrietig…

Een voormalige straatgenoot schreef ooit een tekst op de melodie van een Frans chanson. Dit lied ademt perfect de sfeer van deze straat uit mijn kinderjaren….

Geplaatst in creativiteit, feest, geloof/religie, herinnering, historie, Limburg, ouderlijk huis, Roermond | Tags: , , , , , , , , , , | 8 reacties