TREE OF THE DAY (Knotwilg)

2017 04 24

Elke keer als ik hem passeer verrast het mij dat hij er nog staat. Want hij lijkt verstijfd te zijn in een vallende beweging. Nu er in onze omgeving zo drastisch wordt afgerekend met bomen verwacht ik hier steeds een lege plek te zullen zien. Maar hij is er nog, de boom die ik als een knotwilg interpreteer. Zijn stam heeft er de doorleefde nerven van, maar geknot is hij niet. Zijn takken reiken vrijelijk naar de hemel. Ze zijn nog kaal, terwijl rondom deze oer Hollandse boom alles aan het groen worden is.

Een knotwilg kan zo’n vijftig jaar oud worden, en gezien die stam komt deze al aardig in de richting. Hij kijkt uit op de bijna even oude snelweg verderop, die een doorlopende zucht lijkt voort te brengen. Die snelweg maakt het voortbestaan van deze boom zwaar en twijfelachtig.

Ik laat mijn blog samen met deze zwoegende knotwilg voor een week met rust. Daarna ga ik kijken of hij het gered heeft, en of zijn twijgen zijn uitgelopen. ‘αντίο (antío)’ ofwel: tot ziens.

Geplaatst in bomen, Horn, kaalslag | Tags: , , | Een reactie plaatsen

TREE OF THE DAY (Cypres)

2017 04 23

Vederdop tijdens mijn rondwandeling passeer ik deze cypres. Transparant kun je hem bepaald niet noemen, en ook mist hij wiegelende blaadjes waar ik zo van houd.

En toch zijn cypressen mij lief. Ik zag ze lang en puntig in sierlijke rijen stoffige lanen omzomen in Toscane, en als stoere solisten hun mannetje staan in de blakende zon van de Provence.

Deze solist hier in mijn eigen dorp laat mij dus naar die Mediterrane oorden terug dromen. Het is verwonderlijk dat hij hier kan bestaan, onverzettelijk en roerloos op z’n vaste plek. Geen vogel nestelt in hem, terwijl hij toch zomer en winter uitnodigend groen blijft. Dapper trotseert hij ons natte klimaat, met zijn vorm van een samengevouwen paraplu. De Hollandse wind lijkt hem nauwelijks te deren. Hij heeft iets van een pilaar, een steunbeer. Hij ademt vertrouwen in de zonzij van het leven.

Wat ik nog niet aan hem zie dat zijn vruchten. Die ronde grijs-bruine knoppen, die in Zuid Frankrijk als edelstenen opglanzen in het overweldigende licht. Ze hadden er al moeten zijn. Maar de groeikracht zal ergens vandaan moeten komen. Is het klimaat niet toereikend dan worden de vruchten wellicht om die reden bij gekweekte bomen verwijderd.

Daarmee krijgt deze Hornse cypers al met al iets deerniswekkends: hij zal nooit jonkies krijgen. Zijn eigen leven is uniek, daar blijft het bij. Als compensatie kan hij proberen de maximale lengte van 30 meter te bereiken. Of, nog bijzonderder, zonder kaalslag zou hij over 500 jaar nog steeds hier kunnen staan, in een dan ongetwijfeld veranderde omgeving, en zo, het leven symboliserend, reiken tot in de eeuwigheid.

Geplaatst in bomen, Frankrijk, Horn, kaalslag | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

TREE OF THE DAY (Ginkgo)

2017 04 22

Het is niet de eerste keer dat ik een monument opricht voor de Ginkgo. Op 31 oktober jongstleden was dat de meest recente keer. Ik merkte toen het verschil op van geeltinten in de herfst, en die in het voorjaar. In het voorjaar laat de natuur je blik dwars door zich heen gaan. Het leven houdt niet op bij het zien van al dat moois. De transparantie ervan laat ons verder kijken dan onze neus lang is. Alles verwijst naar verder-verder. Het voorjaar is veelbelovend, expansief, tegenover het zich naar binnen richtende en het verdichtende karakter van het najaar.

Normaal gesproken vind ik het model van Ginkgo-bomen niet fraai. Je ziet meestal een kaarsrechte stam, met links en rechts wat bebladerde twijgen. Het is feitelijk alleen de waaiervorm van de blaadjes die mij betovert. En ook die mysterieuze twee-deling, waarover het beroemde gedicht van Goethe gaat.

Maar dit exemplaar, dat op het uiterste punt van mijn dorp staat te pralen, is een uitzondering. Hij vertakt zich al onder aan de stam, en ik vond dat zo onwaarschijnlijk dat ik hem vlakbij ben gaan bekijken. Waarachtig, daar zaten al de waaiertjes, minuscuul klein, en helder licht doorlatend, nu nog. Hun geel neigt nog een beetje naar het groen. Ze zijn nog niet droog achter de oren.

Deze Ginkgo lijkt mij te willen uitzwaaien op mijn dagelijkse wandeling. Hij kijkt me glimlachend na, en wenst me het allerbeste.

Geplaatst in bomen, herfst, lente, seizoenen | Tags: , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

TREE OF THE DAY (Trees)

2017 04 21

In het kader van de eergisteren door mij besproken ‘Borealis’ stelt de schrijfster van https://sjannesblog.com net als fotograaf Jeroen Toirkens voor om elke boom te koesteren, en zo mensen bewuster te maken van het belang van bomen. ’Sjannes’ fotografeerde daartoe alvast een willekeurige boom, want ‘elke boom telt’, merkt ze op.

Vandaag richt ik een monument op voor een zeer bijzondere boom. Mijn oerboom. Ze wortelt diep in de aarde en weet van geen wijken. Elke poging tot kaalslag glijdt op haar af. Drieënzeventig jaar geleden gaf ze mijn longen adem, ze bood me beschutting en veiligheid. Ze voedde mij en verzorgde mij. En zoals elke kruin naar de hemel wijst wees ook zij mij altijd op hogere waarden. Van de goede bedoelingen van de ander moeten we uitgaan. Alleen het goede moeten we nastreven. Ik hoop dat de appel niet ver van de boom valt en dat ik ze zal blijven kunnen navolgen, al haar levenslessen.

Niet voor niets is haar naam ’Trees’, het meervoud van ‘Tree’. Ze telt voor tien. Tienvoudig heeft ze haar leven gewijd aan haar nageslacht. Vandaag krijgt ze een roos van mij, uit dankbaarheid.

Geplaatst in feest, moeder | Tags: , , , , , | 2 reacties

IK ZOU ZO GRAAG NOG ‘S

2017 04 20

‘Heb je je haren geverfd?’ vraagt ze als ik haar begroet. Maar ik leg mijn lieve moeder uit dat ik binnenkort 73 jaar word, en dat men op die leeftijd wit haar kan hebben, ook al was dat bij haar destijds nog niet het geval.

Ze ligt nog wat na te dutten na de vermoeienissen van haar fysiotherapie. Maar al gauw komt ze overeind van de bank waarop ze ligt. Ik zet een kop koffie voor ons beiden, en we praten over de dingetjes die de afgelopen week gepasseerd zijn.

‘Weet je wat ik nog eens zou willen?’, klinkt het opeens.’Ik zou nog ’s op de fiets willen springen. Kijken of ik dat nog kan’.

Ik neem dat serieus. Ben maar eens 101 jaar. Je wordt tot in je nieren verzorgd, je kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen blijven je trouw bezoeken. Maar ooit kon je fietsen, en dat is opeens lang geleden. Fietsen, dat was: jong zijn, zelfstandig uit de voeten kunnen, onafhankelijkheid. We praten erover door. Over het moment waarop we samen met haar besloten dat fietsen niet veilig meer was. Wat is ze volgzaam geweest, vol begrip voor de wijsheid van haar kinderen. Maar het verlies dat niet-meer-fietsen voor haar betekende heeft ze in stilte gedragen.

En wat ik ook weer eens graag zou willen, dat is even de stad in, en weer terug’.

Het dorp waarin ze nu woont is het tegendeel van bruisend. De natuur eromheen is prachtig. Maar ooit woonde ze aan de rand van de stad. Zo lang dat mogelijk was liep ze daar elke dag haar rondje, met of zonder boodschappen. In een later stadium vergezelden wij haar daarbij. De stad, dat was een vanzelfsprekendheid. Van het ene op het andere moment was dat afgelopen. En al ben je ruim 101, toch kun je dat blijkbaar pijnlijk missen.

Ik ben ervan onder de indruk. En hardop overweeg ik de mogelijkheden om haar binnenkort in haar wens tegemoet te komen. Haar nog eens door de straten te voeren die haar 77 jaren lang omringden. Onze gesprekken gaan door, onder andere over de talenten in onze familie. Ze grapt: ‘Jullie teken-talent hebben jullie van mij’ .

En waarom zou dat niet zo zijn? De talenten van mijn vader zijn me bekend. Die van haar hebben nooit hun kans gehad. Wie weet wat ik aan mijn moedertje te danken heb.

‘Weet je wat IK nog eens zou willen?’ zeg ik dan. ‘Dat je nog één keer voor mij de tekening aller tekeningen maakt.’ 

Voor ieder van haar kinderen tekende mijn moeder vroeger een ‘pikkend kipje’. Ze tekende dan een rondje, met een snavel eraan. Een lijfje met vleugels en een staartje, en twee sprietige pootjes eronder. Haar pikkend kipje was niet meer dan een schema, maar ons allen o zo dierbaar. En het mooist vonden we het voer dat voor die kip werd getekend: potloodstipjes waren het, meer niet.

Ik geef haar mijn notitieboekje en een balpen. ‘Probeer het nog eens? Als het je lukt dan lijst ik mijn kipje in, en ik zal trots zijn dat IK dan iets heb wat mijn broers en zussen niet hebben’.

Ze moet een beetje lachen, maar neemt de pen ter hand. Er volgt een komisch ritueel van tijd rekken, bijna-tekenen, veel bladeren in dat boekje, en mijn verontwaardigd roepen dat ze de boel aan het flessen is. Soms lijkt het erop dat het kipje daar komt. Ik zie haar handen in de juiste houding. De handen die ik ken van de boodschappenlijstjes die ze noteerde, de handen van het schrijven van spaarzame brieven, en de handen van het pikkende kipje. Vlak voor de pen dan het papier raakte maakte ze altijd een heen en weerbeweging vlak erboven. Een soort nadenkend schrijven in de lucht, alvorens ze vastbesloten moed vatte, en landde.

Ik moedig haar aan, mijn fototoestel in de aanslag.

Maar het kipje blijft afwezig. De bladzijde blijft leeg. Het kipje is verdwenen in het verleden, de herinnering in.

Het is tijd, ik moet naar huis en ik breng haar naar de eetkamer, waar al lekker gekookt wordt: Koolraapjes, haar lievelingsgroenten, salade, en kipfilet. Ik neem afscheid en ik fiets naar huis. Daar maak ik ons eigen maaltje klaar: gemengde groenten en dij-filé’tjes van niet meer pikkende kipjes . Het enige dat van ze overblijft is materie om van te smullen, en om van te blijven terugdromen.

Geplaatst in herinnering, moeder, verleden | Tags: , , , , , , , | 4 reacties

BOREALIS

2017 04 19

Met deze zon, in die frisse temperatuur, is het een genot om door de bossen rondom ons huis te lopen. Gelukkig hoor ik vandaag nergens het gebrom van zaagmachines, al moet ik een keer wel opzijspringen voor een vrachtwagen die meteen mijn wantrouwen wekt. Na jaren van kaalkap in mijn omgeving lijkt me dat wantrouwen gerechtigd.

Gisteren werd ik daarin bevestigd door Jelle Brandt Corstius, correspondent, publicist en programmamaker. Iemand met die hoedanigheden zal vast geen onzin uitkramen!

Hij sprak over ‘de Boreale zone’. Net als ik hadden ook zijn gesprekspartners in De Wereld Draait Door daar nooit van gehoord. Die Boreale zone is de grootste vegetatiezone van de wereld. Op een kaart liet hij zien hoe die ‘Borealis’ als een groene ceintuur onze noordelijke aarde omgordt. Die ceintuur bestaat vooral uit naaldbomen, en uit berkenbomen. Een film-animatie toonde aan hoe juist ter hoogte van die groene ceintuur de uitstoot van CO2, met de kleur rood aangegeven, prachtig werd weg gezogen! Dat bewijst hoe belangrijk bossen zijn. ‘Elke boom die je kapt maakt de aarde een beetje roder’, zei Corstius. En die zin was mij uit het hart gegrepen.

Want niet alleen de regenwouden worden bedreigd, maar ook de bossen dichterbij huis. Een enkele boom, die schijnbaar achteloos wordt omgekapt, is een uniek ding, als je bedenkt dat er 1,2 miljoen beukenootjes op de grond moeten liggen voor er één boom uit dat alles ontstaat. Om maar niet te spreken van de hoeveelheid jaren die een boom erover doet om te worden wat hij is op het moment dat hij in enkele seconden tijd geveld wordt…

Jelle Brandt Corstius en fotograaf Jeroen Toirkens onderzoeken momenteel vier jaar lang het belang van bossen, in het project ‘Borealis’. Zo proberen ze een bijdrage te leveren aan het verbeteren van de huishouding van onze aarde.

In hun gehoor zat ook Freek de Jonge. Ik dacht: laat hem zich voor dit doel inzetten, hij had immers ook succes in Groningen!

Er wordt vaak gekscherend gedaan over liefde voor bomen. Ik zal ze niet gaan knuffelen. Ik ga ze portretteren!

Geplaatst in bomen, kaalslag, Televisie | Tags: , | 1 reactie

TORSEN EN FRAGMENTEN

2017 04 18

In het Depot van Wageningen was ik nog nooit geweest.

Van de stad Wageningen zie je niets wanneer je dit Beeldenmuseum bezoekt, het ligt kennelijk ergens aan de buitenrand, als voormalig Botanisch Laboratorium. Na verbouwingen en uitbreidingen is er een zeer fraai gebouw ontstaan, dat uitsluitend ‘Torsen en Fragmenten’ herbergt, met, als wisselende tentoonstelling, momenteel ook nog ‘Modebeelden’: vreemdsoortige materialen in extravagante vormen rondom staande modellen gedrapeerd.

Meteen bij aankomst wordt het duidelijk dat dit instituut ideologische doeleinden heeft. We werden er persoonlijk ontvangen, en mondeling ingeleid door een welverzorgde jongedame. De toegang was gratis, we mochten fotograferen, en zelfs de beelden aanraken. Hier, met vele belangstellenden, bleek een museum te floreren, als verwonderlijk contrast met de schijnbare teloorgang van het Valkhof museum in Nijmegen.

In Het Depot, met garderobe, winkel, een concertzaal,een informatiezaal, en een lange gang naar de wisselende tentoonstellingen, heerst overal een prachtig gefilterd licht. Daarin zie je, over drie verdiepingen verdeeld, alleen maar beelden-beelden-beelden. De menselijke figuur in honderdvoudig kwadraat. Achter de ramen lokt daarbij het Arboretum, een prachtige bomentuin met slingerende paden langs veel bloemen, struiken, eerbiedwaardige bomen en -ook weer- enorme beelden.

Hoe kan dit museum bekostigd worden? Het antwoord is zeer waarschijnlijk de doelstelling. Die luidt: ‘Het actualiseren en stimuleren van creatieve talenten van mensen, daar waar de aanleg van enkelingen, om welke reden dan ook, geen kans krijgt’.

Dus geven ze ook opdrachten en beurzen aan beeldhouwers. Het benodigde geld hiervoor komt van ‘Stichting Utopa’.

Laat Nijmegen zich daar dan asjeblieft ook toe wenden. Want wat we in het verleden in het Valkhof te genieten kregen was niet minder belangwekkend dan deze boeiende en diverse beeldhouwkunst.

De uren tot sluitingstijd bleken niet toereikend om alles te gaan zien… Een reden om terug te gaan.

Geplaatst in Beeldende kunst, expositie, museum | Tags: , , , , | 1 reactie